Belangrijkste punten
- Sinds 1 januari 2025 kent de Belgische DPI drie categorieën: basis (10% of 20% digitaal), thematisch (40%) en technologisch (13,5%).
- De basisaftrek is voorbehouden aan kmo's en zelfstandigen: grote vennootschappen hebben er geen toegang meer toe.
- De thematische aftrek bedraagt 40% voor kmo's op vier gerichte activafamilies: energie, emissievrij transport, milieu en digitaal.
- De overdracht van een ongebruikte DPI is nu onbeperkt: het plafond van één aanslagjaar van het oude stelsel is afgeschaft.
- De thematische aftrek vereist een gewestelijk attest te verkrijgen binnen drie maanden na het einde van het boekjaar.
De investeringsaftrek (DPI) is een van de meest concrete fiscale voordelen voor een Belgische onderneming die nieuwe professionele activa aankoopt. Voorzien in de artikelen 68 tot 77 en 201 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92), vermindert ze de belastbare grondslag met een percentage van de kostprijs van de afschrijfbare vaste activa. Sinds 1 januari 2025 heeft de wet van 12 mei 2024 houdende diverse fiscale bepalingen het stelsel volledig herstructureerd: de vroegere jaarlijks geïndexeerde tarieven hebben plaatsgemaakt voor drie afzonderlijke categorieën met vaste tarieven, nieuwe toelatingsvoorwaarden en herziene overdrachtregels. Deze gids bespreekt elke categorie, de betrokken activa en de na te leven voorwaarden.
Drie categorieën investeringsaftrek sinds 2025
De hervorming die op 1 januari 2025 in werking trad, vervangt het vroegere eentalige stelsel door drie afzonderlijke categorieën. Elk actief kan slechts van één categorie genieten (exclusieve keuze), maar eenzelfde onderneming kan uiteraard activa in verschillende categorieën bezitten:
basisaftrek
uitsluitend kmo's en zelfstandigen
thematische aftrek
kmo's (30% grote vennootschappen, AJ 2026)
technologische aftrek
alle vennootschappen, O&O en octrooien
Grote vennootschappen verliezen de toegang tot de basisaftrek: zij kunnen de tarieven van 10% of 20% op digitale activa niet meer toepassen, in tegenstelling tot wat gold onder het vorige stelsel. Enkel de thematische aftrek en de technologische aftrek blijven voor hen toegankelijk. De tarieven zijn nu vast en evolueren niet meer van jaar tot jaar: het einde van de jaarlijkse indexering bracht het gewone tarief van 8% (in 2024) op 10% (vanaf 2025) en het digitale tarief van 20,5% op 20%.
De aangifte verloopt via formulier 275U in Biztax voor vennootschappen, of via formulier 276U voor natuurlijke personen onderworpen aan de personenbelasting (PB). De DPI wordt afgetrokken van de belastbare grondslag vóór de berekening van de vennootschapsbelasting (VenB) of de PB, naargelang het statuut van de belastingplichtige.
De basisaftrek: 10% voor kmo's, 20% op digitale activa
De basisaftrek is van toepassing op nieuwe materiële of immateriële vaste activa die gedurende het boekjaar worden verworven of tot stand gebracht en uitsluitend worden ingezet voor de beroepsactiviteit in België. Twee transversale voorwaarden gelden: het actief moet afschrijfbaar zijn over minstens drie belastbare tijdperken, en de verwerving moet in nieuwe staat plaatsvinden (tweedehandsactiva zijn uitgesloten).
Voorwaarden voor de basisaftrek
Eenmanszaak of kleine vennootschap (kmo) zijn
Grote vennootschappen kunnen dit tarief niet toepassen sinds 2025.
Nieuw materieel of immaterieel vast actief
Verworven of tot stand gebracht gedurende het boekjaar.
Uitsluitende aanwending voor de beroepsactiviteit in België
Een gemengd gebruikt actief moet worden gesplitst in een professioneel en een privégedeelte.
Minimale afschrijvingstermijn van drie jaar
Klein materiaal dat in één of twee jaar wordt afgeschreven, is uitgesloten.
Het tarief stijgt van 10% naar 20% voor activa die vallen onder de digitale basisinvesteringen: elektronische betaalsystemen, hulpmiddelen voor klantenbeheer (CRM), oplossingen voor GDPR-naleving, cyberbeveiligingssoftware en bijbehorende apparatuur. Dit creëert in de praktijk een subtarief binnen de basiscategorie, nog steeds voorbehouden aan kmo's en zelfstandigen.
De thematische aftrek: 40% op vier investeringsfamilies
De thematische aftrek wil de investeringsbestedingen richten naar doelstellingen van algemeen belang. Ze is van toepassing op vier categorieën vaste activa, omschreven bij koninklijk besluit en vergezeld van een lijst met in aanmerking komende activa:
- Investeringen in energie-efficiëntie en hernieuwbare energie: thermische isolatie, warmteterugwinnigssystemen, fotovoltaïsche panelen, slimme laadpalen, enz.
- Investeringen in CO2-emissievrij transport: elektrische voertuigen, waterstofvoertuigen, laadinfrastructuur gekoppeld aan de beroepsactiviteit.
- Milieuvriendelijke investeringen: installaties die verontreinigende emissies verminderen, behandeling van industrieel afval, water- en luchtbescherming voorbij de minimale wettelijke normen.
- Bijbehorende digitale investeringen: technologieën ter ondersteuning van een van de drie vorige thema's (realtime opvolging van energieverbruik, digitaal beheer van schone voertuigvloten, enz.).
| Aanslagjaar 2026 (investeringen 2025) | Aanslagjaar 2027 (investeringen 2026 en later) | |
|---|---|---|
| Kmo's en zelfstandigen | 40% | 40% |
| Grote vennootschappen | 30% | 40% |
De thematische aftrek vereist een attest uitgereikt door de bevoegde gewestelijke overheid (SPW Économie in Wallonië, Agentschap Innoveren & Ondernemen in Vlaanderen, hub.brussels voor Brussel). Dit attest moet worden verkregen binnen drie maanden na het einde van het boekjaar. Bij wijze van overgangsmaatregel werd deze termijn verlengd tot twaalf maanden voor attesten te verkrijgen vóór 30 juni 2026. Elke investering moet bovendien een minimumbedrag van 1.000 euro bereiken om onder de thematische aftrek te vallen.
De technologische aftrek: 13,5% voor O&O en octrooien
De technologische aftrek staat open voor alle vennootschappen, ongeacht hun omvang. Ze dekt materiële en immateriële vaste activa aangewend voor onderzoek en ontwikkeling enerzijds, en octrooien anderzijds.
Twee berekeningsmethoden zijn beschikbaar, naar keuze van de belastingplichtige:
- Eenmalige aftrekmethode: de DPI bedraagt 13,5% van de aanschaffings- of beleggingswaarde van het actief, integraal afgetrokken in het jaar van verwerving.
- Gespreide methode: de DPI wordt berekend op 20,5% van de fiscaal aanvaarde afschrijvingen voor elk belastbaar tijdperk dat valt binnen de afschrijvingsperiode van het actief. Deze methode spreidt zich over meerdere jaren en kan voordelig zijn voor activa met een lange levensduur.
De gespreide methode is niet beschikbaar voor octrooien: enkel de eenmalige methode op 13,5% is hierop van toepassing. Voor O&O-activa wordt de keuze tussen de twee methoden gemaakt bij de eerste aangifte en kan daarna niet meer worden gewijzigd voor het betrokken actief.
Onbeperkte overdracht en aangiftevoorwaarden
Vóór 2025 kon een ongebruikte DPI (wegens onvoldoende belastbare winst) slechts op één boekjaar worden overgedragen. Die beperking is opgeheven: sinds 1 januari 2025 wordt het ongebruikte DPI-saldo zonder tijdslimiet overgedragen naar de volgende aanslagjaren (artikelen 68 tot 77 WIB 92, zoals gewijzigd door de wet van 12 mei 2024). Dit is een structurele verandering van belang voor groeiende ondernemingen of die met cyclische winsten.
Om hiervan te genieten, moet de vennootschap formulier 275U (in Biztax) of 276U invullen en de documentatie bijhouden die de aard, het bedrag en de beroepsaanwending van de betrokken activa rechtvaardigt. Bij een fiscale controle kan de administratie de aankoopfacturen, afschrijvingsplannen en, voor de thematische aftrek, het gewestelijk attest opvragen. De FOD Financiën publiceert een speciale pagina met downloadbare formulieren op finances.belgium.be.
Voor een dieper inzicht in hoe de DPI past in de opbouw van de belastbare grondslag, beschrijft het artikel over vennootschapsbelasting in België hoe de DPI integreert in de VenB-berekening naast definitief belaste inkomsten en overgedragen fiscale verliezen. Fiscaal aftrekbare beroepskosten voor een BV zijn een andere complementaire hefboom voor legale fiscale optimalisatie.
Optimaliseer de fiscaliteit van uw Belgische vennootschap
Monsiegesocial begeleidt u bij de oprichting en domiciliëring van uw vennootschap, twee stappen die uw toegang tot Belgische fiscale voordelen bepalen vanaf het eerste boekjaar.
Verder lezen
De investeringsaftrek maakt deel uit van een ruimer geheel van fiscale optimalisaties beschikbaar voor Belgische ondernemingen:
- Vennootschapsbelasting in België: tarieven, berekening en verlaagd kmo-tarief: begrijpen hoe de DPI de VenB concreet vermindert, naast andere aftrekken.
- Fiscaal aftrekbare beroepskosten voor een BV: de andere grote hefboom voor het verlagen van de belastbare grondslag, complementair aan de DPI.
- Financieel plan voor een BV: waarvoor dient het en hoe stel je het op: de DPI integreren in de financiële projecties vanaf de oprichting van de vennootschap.



