Belangrijkste punten
- De strijd tegen het witwassen in België steunt op de wet van 18 september 2017, die de Europese antiwitwasrichtlijnen omzet.
- Enkel de door de wet opgesomde meldingsplichtige entiteiten (banken, notarissen, accountants, vastgoedmakelaars, domiciliëringsdienstverleners, enz.) moeten de procedure opzetten.
- De kern van de procedure is de waakzaamheid ten aanzien van het cliënteel (KYC): de klant en zijn uiteindelijke begunstigde identificeren, de relatie begrijpen, en vervolgens de verrichtingen bewaken.
- Elke verdachte verrichting wordt gemeld aan de CFI, de Belgische financiële inlichtingeneenheid, en de bewaring van de documenten is verplicht.
De antiwitwasprocedure in België betreft niet alle ondernemingen op dezelfde manier. Ze weegt op een precieze lijst van beroepen en sectoren, meldingsplichtige entiteiten genoemd, die in de eerste lijn staan om geldstromen van criminele oorsprong op te sporen. Het kader wordt vastgesteld door de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme, die de Europese richtlijnen ter zake in Belgisch recht omzet. Voor die entiteiten is de conformiteit geen optie: het is een wettelijke verplichting, gecontroleerd en bestraft. Dit artikel legt uit wie meldingsplichtig is, waarin de waakzaamheidsverplichtingen bestaan, hoe de procedure stap voor stap verloopt, en waar ze het UBO-register en de registratie van dienstverleners aan vennootschappen kruist.
Het wettelijke kader van de strijd tegen het witwassen in België
De referentietekst is de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten. Ze verving de vorige wet van 1993 en zet het pakket Europese antiwitwasrichtlijnen om, gewoonlijk aangeduid met de Engelse afkorting AML voor Anti-Money Laundering. Het doel is tweeledig: de injectie van crimineel geld in de legale economie verhinderen en de financiering van terrorisme afsnijden.
De logica van het stelsel is preventief. In plaats van alles achteraf op de politie en het gerecht te laten steunen, mobiliseert de wetgever de professionals die de financiële stromen en risicovolle verrichtingen zien passeren. Die professionals worden schildwachten: ze kennen hun klanten, bewaken de verrichtingen en signaleren wat buiten het gewone valt.
De meldingsplichtige entiteiten: wie de procedure moet toepassen
De procedure dringt zich enkel op aan de meldingsplichtige entiteiten die de wet opsomt. Het gaat in wezen om beroepen uit de financiële, cijfer-, rechts- en vastgoedsector, evenals bepaalde handelaars. Een onderneming die geen van die activiteiten uitoefent, hoeft zich geen intern stelsel te geven, maar zal zelf onderworpen zijn aan de controles van haar bankier, haar notaris of haar boekhouder.
De belangrijkste categorieën van meldingsplichtige entiteiten
Financiële instellingen
Banken, betaal- en elektronischgeldinstellingen, levensverzekeringsondernemingen, beursvennootschappen.
Cijferberoepen
Bedrijfsrevisoren, accountants en belastingadviseurs, in de uitoefening van hun opdrachten.
Notarissen en, in bepaalde gevallen, advocaten
Notarissen voor de akten die ze verlijden; advocaten voor limitatief opgesomde verrichtingen, met name financiële of vastgoedverrichtingen.
Vastgoedmakelaars
Voor verkoop- en verhuurtransacties boven bepaalde drempels, een beroep al omkaderd door het BIV.
Dienstverleners aan vennootschappen
Waaronder domiciliëringsdienstverleners, die een maatschappelijke zetel of diensten verbonden met de oprichting en het beheer van vennootschappen leveren.
Handelaars in goederen van grote waarde
Met name handelaars wanneer de betaling in contanten gebeurt boven het wettelijke plafond.
Deze lijst is niet exhaustief en het detail van de bedoelde activiteiten staat in de wet. Het punt om te onthouden: meldingsplichtig zijn hangt af van de aard van de activiteit, niet van de rechtsvorm. Een BV voor belastingadvies is meldingsplichtig, een BV voor e-commerce in principe niet, tenzij ze goederen van grote waarde hanteert die in contanten worden betaald.
De waakzaamheid ten aanzien van het cliënteel, kern van de procedure
De centrale verplichting is de waakzaamheid ten aanzien van het cliënteel, vaak aangeduid met de Engelse afkorting KYC voor Know Your Customer. Vóór het aangaan van een relatie, en vervolgens gedurende de hele relatie, moet de meldingsplichtige entiteit weten met wie ze handelt en waarom. Die waakzaamheid wordt gemoduleerd naargelang het risico: standaard in de meeste gevallen, verscherpt bij een situatie met hoog risico, vereenvoudigd voor situaties met laag risico.
- 1
De klant identificeren
Stap 1De identiteit van de klant, natuurlijke of rechtspersoon, verzamelen en die identiteit verifiëren op basis van bewijskrachtige documenten (identiteitskaart, statuten, KBO-uittreksel).
- 2
De uiteindelijke begunstigde identificeren
Stap 2De natuurlijke persoon of personen bepalen die de klant werkelijk controleren of voor wier rekening de verrichting wordt uitgevoerd, en hun identiteit verifiëren.
- 3
Het voorwerp en de aard van de relatie begrijpen
Stap 3Vatten wat de klant komt doen, de oorsprong van de fondsen en de economische samenhang van de zakelijke relatie.
- 4
Het risiconiveau beoordelen
Stap 4De relatie indelen volgens het witwasrisico en de intensiteit van de controles aanpassen, van vereenvoudigde tot verscherpte waakzaamheid.
- 5
Een doorlopende waakzaamheid uitoefenen
Stap 5De verrichtingen bewaken gedurende de hele relatie, de informatie bijwerken en atypische verrichtingen detecteren.
De identificatie van de uiteindelijke begunstigde is de meest delicate stap. Achter een vennootschap kan een keten van deelnemingen schuilgaan; de meldingsplichtige entiteit moet teruggaan tot de natuurlijke personen die de klant bezitten of controleren. Het is net daar dat het UBO-register in het spel komt.
Het verband met het UBO-register
Het UBO-register (Ultimate Beneficial Owner) inventariseert de uiteindelijke begunstigden van Belgische vennootschappen, vzw's en andere juridische entiteiten. Het bijhouden ervan is een aparte verplichting die op de vennootschappen zelf weegt, maar het dient rechtstreeks de antiwitwasprocedure: het laat de meldingsplichtige entiteiten toe de identiteit van de door hen geïdentificeerde uiteindelijke begunstigde te kruisen.
De raadpleging van het UBO-register ontslaat de entiteit echter niet van haar eigen verificaties. Lijkt de informatie van het register inconsistent of achterhaald, dan moet de meldingsplichtige entiteit haar controles voeren en, in voorkomend geval, de afwijking signaleren. Onze speciale gids over het UBO-register in België beschrijft wie zich er moet aangeven, binnen welke termijnen en met welke gegevens.
De melding van vermoeden aan de CFI
Wanneer de waakzaamheid een verdachte verrichting aan het licht brengt, stopt de meldingsplichtige entiteit niet bij een weigering van de transactie: ze moet het vermoeden melden aan de CFI. De Cel voor Financiële Informatieverwerking (CTIF in het Frans) is de Belgische autoriteit die deze meldingen centraliseert, analyseert en oriënteert. Het is de financiële inlichtingeneenheid van het land.
De CFI analyseert vervolgens de ontvangen meldingen. Bevestigt de analyse ernstige aanwijzingen van witwassen of financiering van terrorisme, dan bezorgt ze het dossier aan de procureur des Konings. De meldingsplichtige entiteiten zijn dus de eerste schakel van een keten die gaat van de interne controle tot de strafrechtelijke vervolging, waarbij de CFI de rol van filter en wisselwachter speelt.
De melding van vermoeden is geen verklikking: het is een wettelijke verplichting die de professional beschermt evenzeer als ze de strijd tegen het witwassen dient. Beter een duidelijk stelsel dan uit te moeten leggen waarom niets werd gemeld.
Documenteren, opleiden en bewaren: de ondersteunende verplichtingen
De waakzaamheid en de melding houden enkel stand als ze steunen op een interne organisatie. De wet verplicht elke meldingsplichtige entiteit haar stelsel te structureren, in verhouding tot haar grootte en haar risico. Voor de eenvoudigste structuren blijven die verplichtingen licht; voor een financiële instelling zijn ze uitgebreid.
| Verplichting | Wat ze inhoudt | |
|---|---|---|
| Risicobeoordeling | De risico's eigen aan de activiteit en de klanten identificeren en documenteren, en ze bijwerken | |
| Interne beleidslijnen en procedures | De maatregelen van preventie, detectie en interne controle formaliseren | |
| Verantwoordelijke voor de compliance | Naargelang de grootte van de structuur een persoon aanstellen belast met het AML-stelsel | |
| Opleiding van het personeel | De aan het witwasrisico blootgestelde medewerkers sensibiliseren en opleiden | |
| Bewaring van de documenten | De identificatiegegevens en de stukken van de verrichtingen bewaren gedurende de door de wet vastgestelde termijn |
De bewaring van de documenten verdient bijzondere aandacht: de identificatiegegevens van de klant en de uiteindelijke begunstigde, evenals de stukken over de verrichtingen, moeten worden bewaard gedurende de door de wet voorziene termijn, om te kunnen worden voorgelegd bij een controle of een onderzoek. De precieze termijn wordt door de tekst vastgesteld; onthoud vooral het beginsel van een georganiseerde en traceerbare bewaring.
Richt je onderneming op conforme grondslagen op
Monsiegesocial richt je vennootschap op en domicilieert haar bij een dienstverlener geregistreerd bij de FOD Economie, al vertrouwd met de vereisten van antiwitwaswaakzaamheid.
Sancties en controle van het stelsel
De naleving van de procedure wordt gecontroleerd door toezichthoudende autoriteiten die per sector verschillen: de Nationale Bank van België en de FSMA voor de financiële sector, de FOD Economie voor de dienstverleners aan vennootschappen en bepaalde handelaars, de beroepsinstituten voor de cijferberoepen, de kamers voor de notarissen en de advocaten. Die autoriteiten gaan na dat de meldingsplichtige entiteiten de waakzaamheid werkelijk toepassen en melden wat ze moeten melden.
De tekortkomingen stellen bloot aan administratieve en strafrechtelijke sancties voorzien door de wet van 18 september 2017. Naast de geldboetes, waarvan de bedragen afhangen van de aard en de ernst van de inbreuk, kan een tekortkoming de bestuurders viseren en de reputatie van de entiteit duurzaam schaden. Voor gereglementeerde beroepen zoals vastgoedmakelaars kan een gebrek aan waakzaamheid ook op de erkenning wegen. De beste bescherming blijft een evenredig, gedocumenteerd en toegepast stelsel.
Verder lezen
- UBO-register in België: uiteindelijke begunstigden en aangifte: het register dat de identificatie van de uiteindelijke begunstigde voedt.
- Vastgoedmakelaar worden in België: BIV-erkenning en traject: een meldingsplichtig beroep waar de antiwitwaswaakzaamheid deel uitmaakt van de verplichtingen.
- Postbus voor een onderneming in België: wat ze wel en niet toelaat: waarom de maatschappelijke zetel via een geregistreerde domiciliëringsdienstverlener verloopt.



